1962 - 1963
laatst aangepast: 13-10-2009 | 16:55uit het boek Honderd jaar musiceren in Posterholt - kroniek van harmonie Wilhelmina Posterholt 1898-1998 | auteur Jeu Veelen
1962 - Neer
Op 14 juli 1962 ging de harmonie voor de 9e keer “op concours”, ditmaal in Neer. Werd in het verleden nog gemusiceerd op een kiosk in een wei of een park, in Neer stond een grote tent! Uitkomend in de afdeling uitmuntendheid behaalde Leo Sevriens met zijn muzikanten 327 punten, goed voor een 1e prijs met lof der jury en promotie naar de ere-afdeling. De uitgevoerde werken waren Zemire et Azor van A. Grétry als verplicht werk en de Devon Fantasy van Eric Ball als keuzewerk. De jury bestond uit de heren Jean Pierre Laro, Meindert Boekell en Hans Scheifes. De eerste twee heren hadden Posterholt reeds beoordeeld in 1957 in Grevenbicht en Hans Scheifes kende Posterholt nog van Goirle in 1959. Voor het verplichte werk kenden de juryleden maar liefst 168 punten toe en voor het keuzewerk 159 punten. Met name de uitvoering van Zemire et Azor sloeg erg aan bij het publiek, zo zeer zelfs dat ene Sjaak Tonnaer uit Thorn, die op een van de voorste rijen zat, nog voor het applaus opsprong en keihard riep: 168 punten…! Of de jury zich hierdoor heeft laten beïnvloeden is uiteraard niet bekend. Tijdens de uitvoering van het keuzewerk begon het plotseling te stortregenen en wel zó hard dat van de muziek nauwelijks nog iets te horen was. Of dit storende geluid van invloed is geweest op de concentratie van de muzikanten is niet helemaal duidelijk, maar jurylid Scheifer schreef: “Pas in het vierde deel hervindt U Uw oude vorm.” Meindert Boekell schreef over het verplichte werk: “Een muzikale uitvoering, beschaafd spel met een goede opvatting. Bravo! Een compliment voor de dirigent.” Laro oordeelde over Zemire et Azor: “Zeer beheerst uitgevoerd, uiterst geraffineerd, tot en met afgewerkt. Dit is een uitstekende prestatie.” Inderdaad, een zeer goede prestatie en waarschijnlijk gaf deze uitslag de harmonie het recht om deel te nemen aan de landskampioenschappen op 18 november van dat jaar in het Concertgebouw in Amsterdam. Men wachtte in spanning af of andere verenigingen nog meer punten zouden halen. En ja, op het 2e bondsconcours van 1962 in september in Grathem behaalde harmonie Crescendo uit Gulpen maar liefst 332 punten, waarvan 172 voor het verplichte werk Zemire et Azor. De teleurstelling in Posterholt was groot. Echter, de op 30 december 1961 met algemene stemmen gekozen en geïnstalleerde commissie van toezicht, had iets ontdekt. Om het euvel van geleende of gehuurde krachten bij de bondsconcoursen tegen te gaan moest deze commissie namelijk -om oneerlijke concurrentie tegen te gaan- toezicht houden op het gerechtigd meespelen van muzikanten. In het reglement van deze commissie stond onder meer dat in principe iedere muzikant slechts lid van één vereniging mag zijn en dat alleen met toestemming van de commissie een uitzondering mag worden gemaakt. Wat bleek nu? Crescendo uit Gulpen zou tijdens het Wereldmuziekconcours in Kerkrade met geleende muzikanten hebben gespeeld en ondanks een schriftelijke waarschuwing van de bond trad deze vereniging op het 2e bondsconcours in Grathem wederom op met geleende krachten. Van diskwalificatie was echter geen sprake. Dat zette kwaad bloed, want hierdoor werd Posterholt de deelname aan de landskampioenschappen onthouden! Om te weten waaraan men toe is met een reglement dat tot tweemaal toe met voeten is getreden, nam harmonie Wilhelmina het initiatief om een algemene vergadering van de muziekbond te beleggen. Onder leiding van bestuurslid Bair Cox, die bovendien lid was van de bewuste commissie, stonden 16 verenigingen achter Posterholt. Men was woedend. Men wilde eindelijk wel eens weten of het reglement van de commissie van toezicht nu wel of niet geldt!. Volgens een verslag uit de Maas- en Roerbode uit die periode “werd met een vreemde stemming beslist. De uitslag luidde: 5 voor, 4 tegen en 2 blanco. Tweederde meerderheid is vereist. Besluit: Gulpen gaat!”Posterholt had het nakijken. De commissie van toezicht was nog geen jaar na instelling op een zijspoor gerangeerd!
1963 - Kerkrade
Na het mooie resultaat op het bondsconcours in Neer in 1962 mocht de harmonie dus jammer genoeg niet naar de landskampioenschappen in Amsterdam. Het protest van Posterholt tegen het ongerechtigd meespelen van leden bij harmonie Crescendo uit Gulpen op het concours in Grathem en het WMC in Kerkrade in 1962 had echter toch nog een winstpuntje opgeleverd. Posterholt mocht later alsnog samen met Gulpen naar de landskampioenschappen in Amsterdam. Echter, de uitspraak kwam te laat: de landskampioenschappen waren reeds gehouden en de prijzen verdeeld. Als pleister op de wonde kreeg Wilhelmina de toezegging dat Posterholt in 1963 aan de landskampioenschappen in Kerkrade mocht deelnemen! Op 23 november, daags na de moord op president Kennedy in Dallas, trad de harmonie met Leo Sevriens in de Rodahal in de afdeling uitmuntendheid voor het voetlicht. Als verplicht werk werd Le petit Monde de Cathy van Paul Desprey uitgevoerd. Verder moesten er drie keuzewerken beschikbaar zijn, waaruit de jury dan één keuze maakte. Op de pupiter lagen klaar: Zemire et Azor van A. Gretry in een arrangement van Jos Moerenhout, de Suite Montagnarde van Jos Moerenhout en La Côte d’Azur van E. Fülling. Tot grote vreugde koos de jury het bekende Zemire et Azor. Hiermee had men immers in Neer zo’n overweldigend succes geboekt! En de jury werd weer bemand door o.a. Laro en Boekell, twee heren die Posterholt in Neer al hadden beoordeeld. Hoe geheel anders dan verwacht pakte het uit in de puntentoekenning! Voor Zemire et Azor werd slechts een score van 152 punten behaald, terwijl voor het verplichte werk slechts 139 punten konden worden bijgeschreven. Totaal dus slechts 291 punten, te weinig voor het landskampioenschap. Dat werd behaald door harmonie St. David uit Voerendaal, die in 1963 door de Limburgse Bond was aangewezen om aan het landskampioenschap deel te nemen. Voerendaal had echter geprotesteerd tegen de –in hun ogen- onterechte deelname van Posterholt aan dit kampioenschap. Of dit protest in de uiteindelijke beslissing bij de jury een rol heeft gespeeld? Volgens de juryrapporten was de zuiverheid en het klankgehalte in met name het verplichte werk aan de matige kant.