uit het boek Honderd jaar musiceren in Posterholt | auteur Jeu Veelen
1922-1926
JEAN RULKENS
Vanaf september 1922 werd de directie gevoerd door Jean Rulkens. Hij stamde uit een rasechte onderwijzersfamilie uit Maasbree, waar grootvader onderwijzer was. Als kind kwam Jean naar Herkenbosch waar zijn vader onderwijzer werd. De jonge Jean volgde in hun beider voetsporen en begon zijn loopbaan als onderwijzer in Melick. Daarna stond hij vier jaar in Posterholt voor de klas. Als 25-jarige werd hij op 1 december 1921 benoemd tot hoofd van de openbare school van Vlodrop, een functie die hij 40 jaren zou blijven vervullen. De liefde voor de muziek kreeg hij van zijn vader. Die was koorleider met veel gevoel voor de pianomuziek. De muzikale opleiding van Jean Rulkens hield niet op bij de kweekschool. Hij kreeg zijn verdere opleiding onder andere van bekende musici als Paul Guillaume en Henri Thijssen uit Roermond en hij kon daardoor een professioneel niveau bereiken. Bovendien onderhield hij ook goede betrekkingen met bekende musici als Elbert Franssen en Willem Schulpen.
Zijn eerste optreden was als dirigent van een kerkelijk zangkoor en van een knapenkoor op school. Heel de Roerstreek heeft hem als musicus leren kennen. Hij voerde onder andere de directie van de fanfares van Herkenbosch en Vlodrop en van harmonie Juliana uit Sint Odiliënberg. Het langst (vanaf 1935) heeft wel de Gemengde Zangvereniging Ons Genoegen uit Vlodrop van hem als dirigent mogen profiteren. Ook op verschillende andere terreinen van het maatschappelijke en culturele leven was Jean Rulkens erg actief. Als dirigent van harmonie Wilhelmina is hij maar vier jaren actief geweest, van 1922 tot 1926. In 1924 nam hij met zijn korps deel aan een concours in Linne. Voor de opleiding kon hij rekenen op de assistentie van enkele gevorderde leden. Bair Wolters (Bair van Diel), die hem later zou opvolgen, was onderdirecteur en behartigde met anderen de opleiding van de leerlingen. "We kregen les van directeur Rulkens. Die leerde ons de noten. De grepen moesten we zelf maar leren. Ik kreeg later les van Sjaak Biermans en Chrisj Sliepen", wist een vroegere muzikant te vertellen. In januari 1926 -zo blijkt uit het kasboek- ontving Rulkens voor het laatst zijn honorarium van zesendertig gulden voor negen nog te geven repetities. Toch werd zijn band met Posterholt niet helemaal verbroken. Vlak na de oorlog was er in Posterholt een mannenkoor dat hij een tijdlang onder zijn hoede had.